Begroting 2019

Financiële hoofdlijnen

Financiële hoofdlijnen

Financieel beeld

Vanwege de verkiezingen en de vorming van een nieuw college is dit voorjaar geen Voorjaarsnota verschenen. De geactualiseerde begrotingsuitkomst 2018 vormt daarom de financiële startpositie van deze begroting. Die startpositie is relatief gezien goed, zeker als we dat afzetten tegen eerdere jaren. We zien dat het Rijk als gevolg van het verbeterde economische klimaat meer uitgeeft en daardoor neemt ook het gemeentefonds in omvang toe.
Wij hebben u voor het reces geïnformeerd over de positieve budgettaire effecten die voortvloeien uit de meicirculaire. Deze bepalen voor een groot deel de ruimte die in de (meerjaren-)begroting bestaand beleid 2019 ontstaat. In onderstaande tabel is de uitkomst van de begrotingsvoorbereiding zichtbaar. Een nadere detaillering en toelichting op de ontwikkelingen die zich hebben voorgedaan is opgenomen in de financiële positie van deze begroting.

Bedragen x € 1.000

2019

2020

2021

2022

Uitkomst Begroting 2018 na actualisatie

1.920

2.219

1.896

1.896

Begrotingsvoorbereiding 2019

5.852

3.645

3.500

3.523

Uitkomst bestaand beleid

7.772

5.864

5.396

5.419

Structureel is sprake van een overschot op het bestaand beleid van € 5,4 miljoen. Doordat het overschot van de actualisatie 2018 voor een bedrag van € 1,8 miljoen ingezet wordt in 2019, is in dat jaar incidenteel een hoger bedrag beschikbaar voor nieuw beleid.

De ambities in het bestuursakkoord zijn leidend geweest voor de inzet van de beschikbare middelen. Een van die ambities is om het gemeentelijk huishoudboekje blijvend op orde te houden. In dat kader zijn enkele financiële knelpunten in de begroting aangepakt en speelt nadrukkelijk het besef dat niet alle ambities uit het bestuursakkoord in het eerste jaar volledig opgepakt kunnen worden. Ook de komende jaren zullen we middelen die beschikbaar komen inzetten om de ambities uit het Bestuursakkoord te realiseren.

Het pakket aan nieuw beleid voorstellen dat bij deze begroting voorligt bestaat uit voorstellen die rechtstreeks op de exploitatie drukken alsmede investeringsvoorstellen. De voorstellen nieuw beleid hebben een omvang van structureel € 4,2 miljoen. Het pakket voorstellen nieuw beleid investeringen heeft een omvang van € 39 miljoen en leidt structureel tot een middelenbeslag van € 0,8 miljoen op de exploitatie. De individuele voorstellen zijn opgenomen en toegelicht in de financiële positie.
Naast deze voorstellen is structureel een bedrag van € 0,1 miljoen aan ruimte gereserveerd voor de raad om direct in te kunnen spelen op actualiteiten.
Bovengenoemde voorstellen leiden bij elkaar gevoegd tot onderstaande begrotingsuitkomst.

2019

2020

2021

2022

Uitkomst bestaand beleid

7.772

5.864

5.396

5.419

Totaal nieuw beleid exploitatie

-7.246

-4.656

-4.272

-4.203

Totaal nieuw beleid investeringen (kapitaallasten)

-356

-745

-795

-818

Ruimte actualisatie begroting 2019

-100

-100

-100

-100

Begrotingsuitkomst (cf. raadsvoorstel 13-11-2018)

70

363

229

298

Gewijzigd voorstel precariobelasting

-24

-

-

-

Amendement 1: Stichting Buddyhulp

-10

-

-

-

Dekking stelpost ruimte actualisatie

10

-

-

-

Amendement 3: Samenwerkingsbudget Jeugd- en jongeren werk

-50

Dekking stelpost ruimte actualisatie

50

Amendement 4: Onderhoud AED's

-5

Dekking stelpost ruimte actualisatie

5

Begrotingsuitkomst ná besluit gemeenteraad

46

363

229

298

Sociaal domein
Het kan niemand ontgaan zijn dat landelijk forse tekorten bij gemeenten ontstaan op de uitvoering van de gedecentraliseerde taken binnen het sociale domein. Ook onze gemeente wordt geconfronteerd met tekorten op het sociaal domein, maar deze tekorten zijn in tegenstelling tot die van andere gemeenten te overzien. Wij kunnen daarom ook geen beroep doen op het Fonds tekortgemeenten Jeugd en WMO. Met het Sociaal en Zorgfonds is er een financiële remweg. In onze voorstellen nieuw beleid doen we dan ook een beroep op dit fonds om de belangrijkste problemen binnen het sociaal domein op korte termijn aan te pakken. Onze lijn blijft om tekorten binnen het sociaal domein binnen de daarvoor beschikbare middelen op te lossen, waarbij we ons realiseren dat er zich omstandigheden kunnen voordoen, die opplussen vanuit de algemene middelen noodzakelijk maken.

Structuurfonds
In de komende periode gaan wij alle posten uit het structuurfonds nog eens tegen het licht houden. De resultaten van dit onderzoek presenteren wij u bij de komende voorjaarsnota.
In deze begroting is een geactualiseerd beeld opgenomen van het Structuurfonds. Wij leggen u bij deze begroting geen voorstel voor om nieuwe projecten in het Structuurfonds op te nemen. Wel zijn in deze begroting de extra middelen verwerkt voor het realiseren van de Vernieuwbouw van het Theater aan de Parade. Hiermee is een bedrag van € 62,7 miljoen van dekking voorzien.
De middelen die nodig zijn om de realisatie van het Bedrijvencentrum Grasso van dekking te voorzien zijn als voorstel nieuw beleid in deze begroting opgenomen.

Woonlasten
Een van de uitgangspunten van ons tarievenbeleid is te voorkomen dat de woonlasten in onze gemeente zullen worden verhoogd anders dan met een inflatiecorrectie. Onder woonlasten worden in dit verband verstaan: OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing.
Afhankelijk van de WOZ-waarde stijgen de woonlasten voor woningeigenaren licht (een stijging van ongeveer 1,3% tot 1,8%). De woonlasten voor huurders stijgen met 0,36%. Dit is in alle gevallen minder dan de inflatiecorrectie van 3,13%.
De lokale lastendruk voor een bedrijf stijgt beperkt ten opzichte van 2018 met 2,83%. Dit komt met name door het doorrekenen van de inflatiecorrectie in het OZB tarief.